‘Soo voer gesongen, soo nagepepen’ (ca. 1668-70) - Jan Steen

1200+ mensen volgen Art Salon Holland op Facebook, dat wil jij toch niet missen?

Van onze redactie

Het Oudhollandse spreekwoord dat dit doek van Jan Steen als titel draagt, is vergelijkbaar met het tegenwoordig nog gebruikte ‘Zoals de ouden zongen, zo piepen de jongen.' De titel is afkomstig van de tekst op het stuk bladmuziek, dat de oude grootmoeder rechts aan tafel zittend leest.

Jan Steen, ‘Soo voer gesongen, soo nagepepen’, ca. 1668-70, olieverf op doek, 134 x 163 cm, Mauritshuis, Den Haag
Jan Steen, ‘Soo voer gesongen, soo nagepepen’, ca. 1668-70, olieverf op doek, 134 x 163 cm, Mauritshuis, Den Haag

We zien een familie, bij elkaar gekomen ter gelegenheid van het doopfeest van het kindje, dat in het midden van de compositie op de schoot van zijn moeder zit. Het pakt uit als een chaotisch festijn, waarbij de volwassenen het verkeerde voorbeeld geven aan de kinderen. Zo leert de vader in het gezelschap (Jan Steen zelf!) de zoon pijproken. De vrouw die links van de tafel onderuitgezakt het glas heft maakt een losbandige indruk. Een eigenschap, evenals luiheid, waar de doedelzak bespeeld door de oudere zoon rechts in beeld naar verwijst. Op het hoofd van de oudere man zit een scheefgezakte kraamherenmuts. Volgens de traditie wordt deze gedragen door de vader van het kind dat wordt gedoopt. Dit roept echter verwarring op, aangezien het niet waarschijnlijk is dat deze oudeheer daadwerkelijk de vader zal zijn. Op de achtergrond zit een papegaai op een stok. Het is een naprater, die het nadoen van de jeugd symboliseert.

De Nederlandse barokschilder Jan Steen beeldde graag spreekwoorden uit, maar ‘Zoals de ouden zongen, zo piepen de jongen’ nog wel het meest. Het schilderij is op uitzonderlijk groot formaat geschilderd, met een losse penseelvoering. Dit laatste is waarschijnlijk onder invloed van zijn tijdgenoot Frans Hals.