Jugendstil

1000+ mensen volgen Art Salon Holland op Facebook, dat wil jij toch niet missen?

Een 'jeugdige' stijl met de ambitie alle kunstvormen te beïnvloeden

Van onze redactie

De jugendstil is een internationale kunststroming - tussen 1880 en 1914 - die zowel de schilderkunst, de kunstnijverheid, de architectuur, de damesmode, de toegepaste kunsten (onder andere sieraden, edelsmeedwerk, meubilair en glaskunst), als de grafische kunst wilde vernieuwen.

Alfons Mucha (1860-1939), “Tanz", 1898
Alfons Mucha (1860-1939), “Tanz", 1898

In Engeland ontstond aan het eind van de negentiende eeuw als reactie op de haastige industriële vervaardiging van voorwerpen in kitscherige neostijlen de 'Arts and Crafts movement'. Deze beweging wilde een maatschappelijke hervorming bereiken en propageerde dat producten niet door machines, maar weer door secure ambachtelijke vervaardiging tot stand zouden moeten komen, zoals in de tijden van vóór de industriële revolutie. De vernieuwingsbeweging van de jugendstil kwam min of meer voort uit de ideeën van William Morris (1834-1896), één van de belangrijkste voormannen van de Arts and Crafts movement. In zijn atelier maakte hij met zijn leerlingen ontwerpen op alle gebieden van de toegepaste kunst. Ook bracht hij de ambachtelijke kalligrafie - de kunst van het lettertekenen met penseel of ganzenveer - weer onder de aandacht, welke sterk in de vergetelheid was geraakt door de uitvinding van de drukpers. Jugendstil was niet alleen een reactie op de uitbundigheid van historiserende kunststromingen, maar ook op de vormvervaging, die kort ervoor zo nadrukkelijk was toegepast door de impressionisten.

Jugendstil en zijn synoniemen

De benaming 'jugendstil', is afkomstig van het tijdschrift Die Jugend, dat vanaf 1896 in München werd uitgegeven, een geïllustreerd weekblad "für Kunst & Leben", dat was gedrukt in een lettertype dat duidelijk de vernieuwende stijlkenmerken vertoonde van de jugendstil. Stijlen met verwante stijlkenmerken kregen in andere landen van Europa dan Duitsland andere benamingen. Ze geven echter allemaal aan: het is modern, het is nieuw, het is jeugdig. Zo staat de jugendstil in Frankrijk en België bekend onder de naam art nouveau. Siegfried Bing, een belangrijke kunsthandelaar uit Parijs was onder de indruk geraakt van de Japanse cultuur, die sinds 1854 op de Europese en Amerikaanse markt te zien was. Hij had zich erin gespecialiseerd en exposeerde Japanse kunst met nadruk in zijn galerie L’Art Nouveau. Zijn galerie werd een belangrijke plek voor de promotie van de vernieuwende kunst van zijn tijd en de jugendstil. Bing exposeerde onder andere de vernieuwende glaskunst van de Amerikaanse kunstenaar Louis Comfort Tiffany - vandaar dat juist de naam van zijn galerie leidde tot de stijlnaam art nouveau. In Oostenrijk wordt de term ' Sezessionstil' gebruikt en in Engeland spreekt men van 'modern style', terwijl men in Nederland naast jugendstil en art nouveau ook wel de term 'nieuwe kunst' bezigt. Een bekend voorbeeld van Nederlandse art nouveau is het ontwerp van Jan Toorop (1858-1928), dat hij in 1893 maakte voor de slaoliefabriek NOF Calvé-Delft. Toorop past in dat ontwerp geen enkele vorm van dieptewerking toe - het oogt tweedimensionaal, het is plat - en de restvlakken naast de vrouwenfiguren vult hij volledig op met golvende lijnen. Het levert de jugendstil in Nederland de spottende naam 'slaoliestijl' op. De Belgische kunstenaar Henry van de Velde (1863-1957) was één belangrijke propagandist van de jugendstil en zijn vele andere benamingen. Ook de publicatie van tijdschriften als Die Jugend, Revue Blanche en Ver Sacrum werkten ondersteunend. Het boek The Yellow Book, geschreven door de jong gestorven Engelse kunstenaar Aubrey Beardsley (1872-1898), was ook belangrijk voor de promotie van de jugendstil.

Jan Toorop, ontwerp van het affiche "Delftsche Slaolie", 1893
Jan Toorop, ontwerp van het affiche "Delftsche Slaolie", 1893

Kenmerken Jugendstil

De kunstenaars van de jugendstil streefden naar schoonheid en velen van hen wilden niet alleen de kunst, maar ook de samenleving vernieuwen. Ze hadden dan ook een optimistisch wereldbeeld en geloofden in de toekomst. Onder welke naam de stijl ook bekend stond, overeenkomst is de toepassing van een golvende - haast kalligrafische - lijn, die soms mede bedoeld was om emoties mee uit te drukken. Kunstenaars van de jugendstil hadden een voorliefde voor het toepassen van de voor hun tijd modernste technieken. In de jugendstil en art nouveau wordt veelvuldig gebruik gemaakt van tweedimensionaal ogende ornamenten. De motieven voor deze ornamenten worden ontleend aan een belangrijke inspiratiebron van de jugendstil: de natuur. De ornamenten zijn bijvoorbeeld afgeleid van plant-, bloem- en bladmotieven, sierlijke plantenstengels en bloemknoppen. In België werden plantmotieven sterk gestileerd, daaruit ontstond de bekende dynamisch ogende 'zweepslaglijn' van de Brusselse architect Victor Horta (1861-1947). Maar ook dieren en vogels - zoals pauwen - komen herhaaldelijk terug in de ornamenten, soms in combinatie met slanke vrouwfiguren. Symboliek speelde in veel kunstwerken een rol, beïnvloed door het symbolisme. Ornamenten werden in de schilderkunst en ook in de andere kunstuitingen bij voorkeur gecombineerd in asymmetrische composities.
In de architectuur vindt je de ornamentiek terug in gevels, raampartijen, balkons en wandversieringen. In de toegepaste kunst zie je golvende ornamentele lijnen toegepast in de vormen van lampen, straatlantaarns, zilverwerk, ijzeren trapleuningen, smeedijzeren hekwerken en meubilair. Naast het gebruik van de sierlijke ornamenten is in de kunst van de jugendstil ook de invloed van de Japanse houtsnede zichtbaar, o.a. door het toepassen van grote lege vlakken binnen een compositie en het gebruik van de waaiervorm. Een laatste kenmerk van de jugendstil is duidelijk zichtbaar in de grafische kunst, zoals in het ontwerp van affiches, waar de lijn immers een zeer belangrijk beeldelement is. Ten tijde van de jugendstil wilde men bij de toepassing van lettertypes de relatie met mechanische productie door een drukpers doorbreken, vandaar dat in één tekst de letterhoogtes vaak opzettelijk werden gevarieerd.

Victor Horta. "Trappenhuis in Hotel Tassel te Brussel", 1893-1894
Victor Horta. "Trappenhuis in Hotel Tassel te Brussel", 1893-1894

Bekende kunstenaars van de Jugendstil

Belangrijke schilders uit de periode van de jugendstil waren de Tsjech Alfons Mucha, die vooral de affichekunst vernieuwde, de Oostenrijker Gustav Klimt, zie voor zijn typerende Weense Jugendstil stijl de schilderijen Adele Bloch Bauer I (1907) en De kus (1907-08), zijn landgenoten Max Klinger en Egon Schiele, de Fransen Pierre Puvis de Chevannes en Aristide Maillol, de Zwitser Ferdinand Hodler, de Nederlanders Jan Toorop, Johan Thorn-Prikker en Richard Roland Holst (1869-1938), en de Schot Charles Rennie Mackintosh. De Amerikaan Louis Comfort Tiffany was belangrijk voor nieuwe ontwikkelingen binnen de glaskunst. Hij vond de methode uit om stukjes glas in koperfolie te wikkelen om ze vervolgens aan elkaar te solderen. Dit staat nog altijd bekend als 'Tiffany-glas'. Bekende architecten zijn de eerder genoemde Victor Horta, waarvan werk te zien is in het schitterende Horta Museum te Brussel. En verder de Nederlander Hendrik Petrus Berlage (1856-1934), bekend van de Beurs van Berlage - gebouwd tussen 1884 en 1903 - te Amsterdam en tot slot vooral niet te vergeten de Spaanse architect Antoni Gaudí (1852-1926), waarvan de bekendste bouwwerken zijn te bewonderen in Barcelona. Meest fascinerend is misschien wel zijn onvoltooid gebleven, buitengewoon imposante kathedraal de Sagrada Família, waaraan men begon in 1883 en waar nog steeds aan wordt gebouwd. Goede voorbeelden van Franse art nouveau zijn de typerende ingangen van de metro te Parijs, gemaakt in siersmeedwerk door Hector Germain Guimard (1867-1942) en de glas- en meubelontwerpen van Émile Gallé.
Het einde van de Jugendstil wordt gemarkeerd door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914. Na de oorlog werden meer eisen gesteld aan de functionaliteit van de vormgeving, bovendien had het expressionisme - ontstaan in 1905 - al aan invloed gewonnen. Daarnaast ontstond er een sterke tendens naar abstractie. Al deze aspecten verenigden zich in nieuwe ideeën over kunst en kunstnijverheid, dit kwam tot uitdrukking in het ontstaan van nieuwe stijlen, zoals de art deco en het ontstaan van nieuwe kunsttheorieën, zoals die, die door het Bauhaus werden ontwikkeld.
 

KUNSTWERKEN JUGENDSTIL