Jean-Léon Gerôme (1824 – 1904)

1300+ mensen volgen Art Salon Holland op Facebook, dat wil jij toch niet missen?

Van onze redactie
  
Met het schilderij Un combat de coqs (zie afbeelding) vestigde de kunstschilder Jean-Léon Gerôme zijn naam. Het werk was een groot succes op de grote jaarlijkse kunsttentoonstelling te Parijs, de Salon van 1847.

Jean-Léon Gerôme, Hanengevecht (Franse titel: Jeunes Grecs faisant battre des coqs/ Un combat de coqs), 1846, olieverf op doek, 143 x 204 cm, Musée d’Orsay, Parijs
Jean-Léon Gerôme, Hanengevecht (Franse titel: Jeunes Grecs faisant battre des coqs/ Un combat de coqs), 1846, olieverf op doek, 143 x 204 cm, Musée d’Orsay, Parijs

Het verbeeldt een jong Grieks stel, volledig in beslag genomen door een gevecht tussen twee hanen. Gerôme vergunt de beschouwer een denkbeeldige blik op het dagelijks leven van de oude Grieken, en geeft daar een licht erotisch tintje aan. De kunstenaar had met betrekking tot zijn onderwerpskeuze een sterke voorkeur voor de antieke oudheid. Een ander bekend werk van Gerôme is Pygmalion en Galatea uit 1890. Het toont een tot de verbeelding sprekend moment uit de Griekse mythologie, namelijk wanneer beeldhouwer Pygmalion verliefd wordt op zijn eigen standbeeld van de ideale vrouwelijke gestalte. Door zijn liefde komt zijn sculptuur tot leven.
De stijl van Gerôme wordt ook wel 'neo-Grec' genoemd. Het is een late vorm van een fascinatie voor de Griekse antieken, een late vorm van het neoclassicisme, de stijl van Jacques-Louis David, welke aan het eind van de achttiende eeuw en het begin van de negentiende eeuw de beeldende kunsten had overheerst. 
 

Jean-Léon Gérôme (1824-1904), Portret van barones Nathaniel de Rothschild, olieverf op doek, 49.6 x 35.8 cm, 1866, Musée d'Orsay, Parijs
Jean-Léon Gérôme (1824-1904), Portret van barones Nathaniel de Rothschild, olieverf op doek, 49.6 x 35.8 cm, 1866, Musée d'Orsay, Parijs

Gedurende zijn carrière begon hij zich steeds meer te interesseren voor het populair wordende Oriëntalisme, een negentiende-eeuwse fascinatie met de Islamitische en Arabische cultuur van Noord-Afrika en het Midden Oosten. Deze komt tot uitdrukking binnen de schilderkunst door weergave van exotische taferelen. We zien in Oriëntalistische schilderijen beeldmotieven als odalisken (haremdames), oosterse interieurs met tapijten, decoratieve geometrische geabstraheerde patronen, figuren met tulbanden op, landschappen met palmbomen en dergelijke. Zie bijvoorbeeld het schilderij Grande Odalisque van J.A.D. Ingres uit 1814. In 1853 reisde Gerôme - in verband met deze Oriëntalistische belangstelling - door Turkije en hij ondernam bovendien reizen door het oosten en noorden van Afrika. Gedurende de tweede helft van de negentiende eeuw had de kunstenaar volop succes op de Salon te Parijs, met zijn bijna fotografische weergave van de Oriëntaalse architectuur, kostuums en interieurs. De avant-garde in de Franse kunstwereld werd in die periode gevormd door Manet en de kunstenaars van het impressionisme, een kunststroming die zich juist afzette tegen de volgens hen conservatieve ‘neoclassicistisch georiënteerde´ smaak van de Salonjury.
Gerôme was tussen 1840 en 1845 een leerling van de grote historieschilder Paul Delaroche en daarna van Charles Gleyre. Hij bleef actief als kunstenaar tot kort voor zijn dood, in 1904. Onder zijn eigen leerlingen bevinden zich belangrijke kunstenaars als Odilon Redon, Aristide Maillol en Mary Cassatt.