François Bonvin (1817 – 1887)

1300+ mensen volgen Art Salon Holland op Facebook, dat wil jij toch niet missen?

Van onze redactie
    

De Franse kunstschilder François Bonvin was autodidact en leerde schilderen door het kopiëren van schilderijen uit het Louvre. Hij bewonderde vooral de schilderijen van Hollandse meesters uit de Gouden Eeuw. Zijn werk wordt gerekend tot de stijl van het negentiende-eeuwse realisme.

François Bonvin, Stilleven met asperges, 1862, olieverf op paneel, Baltimore Museum of Art, Baltimore
François Bonvin, Stilleven met asperges, 1862, olieverf op paneel, Baltimore Museum of Art, Baltimore

Bonvin, zoon van een politieagent, was al op jonge leeftijd geïnteresseerd in de beeldende kunst. Als jongeman werkte hij als kantoorbediende bij de politie van Parijs. Zijn vrije tijd besteedde hij aan het schilderen. Van zijn vroege werk zijn vooral stillevens bekend. Daarnaast schilderde hij ambachtslieden en huismoeders in typisch burgerlijke taferelen met een intieme verstilde sfeer. Dergelijke voorstellingen van het alledaagse leven wordt ook wel aangeduid als genrekunst. Het werd veel toegepast door de Hollandse zeventiende-eeuwse schilders, waar Bonvin door werd geïnspireerd. Vooral de invloed van Pieter de Hooch lijkt door te echoën in zijn schilderijen. Ook wordt zijn werk vergeleken met dat van de achttiende-eeuwse kunstschilder Jean-Baptiste Simeon Chardin. Bonvin was diep onder de indruk van het werk van deze kunstenaar en ontleende beeldmotieven aan zijn werk. Op de Salon van 1848, de jaarlijkse overzichtstentoonstelling van beeldende kunst te Parijs, had Chardin veel succes.
Een belangrijke vertegenwoordiger van het Franse realisme is Gustave Courbet, waarmee Bonvin bevriend raakte. Courbet spoorde hem aan om zich aan te sluiten bij de beweging van het realisme. Bonvin was bovendien bevriend met de schrijver en kunstcriticus Jules Champfleury, die een groot bepleiter van de realistische stijl was. Bonvin staat er om bekend dat hij andere kunstenaars aanmoedigde en ondersteunde, ondanks dat hij het zelf niet breed had. Zo voorzag hij zijn eveneens getalenteerde halfbroer Leon Bonvin regelmatig van kunstenaarsbenodigdheden en moedigde hij Théodule Ribot en Henri Fantin-Latour persoonlijk aan.