Carl Friedrich Lessing (1808 – 1880)

1300+ mensen volgen Art Salon Holland op Facebook, dat wil jij toch niet missen?

Van onze redactie
  

De Duitse kunstschilder Carl Friedrich Lessing wordt gerekend tot de Düsseldorfer School van de negentiende eeuw, waarvan hij de medeoprichter was. Onder invloed van Wilhelm von Schadow, die hij in 1826 volgde naar Düsseldorf, legde hij zich toe op het schilderen van grote historiestukken.

Carl Friedrich Lessing, Die Waldkapelle, 1839, Alte Nationalgalerie, Berlijn
Carl Friedrich Lessing, Die Waldkapelle, 1839, Alte Nationalgalerie, Berlijn

Hij had architectuur gestudeerd bij de invloedrijke Duitse architect Karl Friedrich Schinkel te Berlijn van 1822 tot 1826. Hij schilderde tussen 1829 en 1830 het fresco Die Schlacht bei Ikonium, een muurschildering in het kasteel Heltorf bij Düssseldorf. Dit deed hij in opdracht van de graaf Von Spee. Lessing liet zich in de eerste fase van zijn carrière inspireren door de melancholieke landschappen van Caspar David Friedrich, de bekendste Duitse schilder uit de periode van de romantiek. Later in zijn carrière werkte Lessing in een meer realistische stijl. Van 1833 tot 1843 zat hij in de masterclass van de Düsseldorf Akademie, waar hij al vanaf het begin van zijn studie als één van de belangrijkste talenten werd beschouwd. De Düsseldorfer Schule was een Duitse kunstenaarsgroep, welke een voorbeeld nam aan de Nazareners, een genootschap van Duitse kunstschilders dat zich had gevestigd in Rome. De Nazareners werkten in een romantische stijl. Ze waren speciaal naar Rome getrokken om de oude Italiaanse meesters van de renaissance te bestuderen, onder wie Giotto en Rafaël. Daarnaast bestudeerden zij het werk van oude Duitse meesters zoals Albrecht Dürer. De Nazareners, die in Rome leefden als monniken, in de traditie van een christelijke kloosterorde, wilden in hun werk hun christelijke geloof combineren met de serene stijl van Italiaanse renaissancekunstenaars. Ook de kunstenaars van de Düsseldorfer Schule verwerkten elementen uit de klassieke oudheid in hun werk. Tijdens het directeurschap van Wilhelm von Schadow aan de academie van Düsseldorf, een voormalig lid van de Nazareners, bleef de religieuze en stichtelijke ondertoon van een schilderij echter het belangrijkst. Dit moest volgens Von Schadow worden gegoten in de vorm van historieschilderkunst, waarbij Bijbelse onderwerpen, de Duitse geschiedenis en allegorieën het hoofdonderwerp vormden. Ook schilderijen van het landschap dienden zorgvuldig in de vorm van een historiestuk gecomponeerd te worden. Gewoon het landschap schilderen, zonder dat daar een historisch motief aan ten grondslag ligt, werd door Von Schadow beschouwd als een onvoltooid schilderij.
In 1858 vertrok Lessing naar Karlsruhe om museumdirecteur te worden. Ook nam hij er de taak over van de directeur van de kunstacademie, Johann Wilhelm Schirmer, een kunstschilder van de Düsseldorfer School met wie hij samen in 1827 de 'Landschaftliche Komponierverein' had opgericht. Deze vereniging probeerde zich uitsluitend op het schilderen van het landschap te richten, zonder de voor Von Schadow zo noodzakelijke religieuze of symbolische betekenis. Nadat Schirmer in 1839 als professor in de landschapschilderkunst was aangesteld aan de academie van Düsseldorf, werd de pure landschapschilderkunst het belangrijkste onderwerp van de kunstenaars van de Düsseldorfer Schule. Het landschap kreeg daarbij een romantische ondertoon, het werd een lofzang aan de natuur, die als een manifestatie van het goddelijke werd beschouwd. Lessing schilderde in zijn carrìere zowel historische landschappen, volgens de visie van Von Schadow, als de puur romantische landschappen, die de latere Düsseldorfer Schule kenmerken. Bekende schilders van de Düsseldorfer Schule zijn naast Schirmer en Lessing, Andreas Achenbach, Eduard Bendemann en Albert Bierstadt. Lessing bleef tot in 1866 directeur aan de kunstacademie van Karlsruhe, de stad waar hij in 1880 kwam te overlijden.