Carl Andre (1935)

1400+ mensen volgen Art Salon Holland op Facebook, dat wil jij toch niet missen?

Van onze redactie
  
In een interview met de befaamde Britse kunstcriticus Edward Lucie-Smith gaf Carl Andre zijn torenhoge ambitie als ‘Turner van de materie’ te kennen. De opmerkelijke benadering van deze vooraanstaande Amerikaanse kunstenaar ten aanzien van beeldhouwkunst, driedimensionale kunst - in de context van minimal art - heeft inderdaad grote impact gehad op de geschiedenis van de kunst.

Carl Andre, Balkhouten werk (Bron), verwoest in 1964, gereconstrueerd in 1970, Hout, 28 delen; 213 x 122 x 122 cm, Museum Ludwig, Keulen
Carl Andre, Balkhouten werk (Bron), verwoest in 1964, gereconstrueerd in 1970, Hout, 28 delen; 213 x 122 x 122 cm, Museum Ludwig, Keulen

Aan het begin van zijn carrière was Andre sterk beïnvloed door de Zwarte schilderijen van Frank Stella en de sculpturen van Constantin Brancusi. Zie in dit verband van Stella het zwarte schilderij Tuxedo Park Junction uit 1960. In 1965 had Andre zijn eerste eenmanstentoonstelling in de Tibor de Nagy Gallery in New York. Twee jaar later bij een solotentoonstelling van de kunstenaar in de Dwan Gallery in Los Angeles wierpen de bezoekers slechts een blik van buiten naar binnen. Ze vertrokken dan weer zonder de galerie te hebben betreden. 'Ze durfden eenvoudigweg niet' volgens de voormalige galeriedirecteur John Weber. Indien het publiek de ruimte had willen betreden, dan kon dat niet anders dan door over het kunstwerk heen te lopen. Andre had de gehele galerievloer afgedekt met betonnen stenen, enkele open stukken daargelaten. Op die plaatsen was de houten galerievloer zichtbaar. Het was nogal confronterend. De beschouwer, het publiek, kwam in een wel heel actieve relatie te staan tot het kunstwerk.
Andre maakt veel gebruik van het materiaal steen. Zo rangschikte hij voor zijn Stone Field Sculpture in 1977 zesendertig kolossale stenen in een grasveld. Enkele daarvan waren bijna elf ton zwaar. Waarschijnlijk is zijn fascinatie voor stenen terug te voeren naar de plaats van zijn jeugd, Quincy in Massachusetts in de Verenigde Staten. Er zijn daar veel oude steengroeven. Andere materialen die de kunstenaar voor zijn werk gebruikt zijn aluminium, hout, ijzer en koper.
Net als Donald Judd heeft Andre belangstelling voor wiskundige reeksen. In een aantal werken past hij dit toe door eenvoudige vormen, meestal blokvormen, gestructureerd ten opzichte van elkaar te presenteren. Er lijkt een patroon waarneembaar, dat de toeschouwer in gedachte zou kunnen voortzetten in een nog groter verband. Kenmerkend voor zijn mathematisch georganiseerde werk is tevens dat het bestaat uit identieke repeterende eenheden. De kunstenaar plaatst bijvoorbeeld 20, 36 of 64 vierkante platen metaal van dezelfde afmeting op de grond in een rechthoekige of vierkante opstelling. Ook voor deze werken geldt de opmerkelijke uitdaging voor het publiek om over het neergelegde kunstwerk heen te lopen.
Andre wordt beschouwd als een van de toonaangevende kunstenaars uit de periode van de hedendaagse kunst. Zijn werk is dan ook opgenomen in de belangrijkste musea voor hedendaagse en moderne kunst van de wereld. In 1968 werd het werk van Andre in het Haags Gemeentemuseum op de tentoonstelling ‘Minimal Art’ getoond. Datzelfde jaar was het tevens op de Documenta in Kassel te zien, waar het werk opnieuw in 1982 werd tentoongesteld.