Alexej von Jawlensky (1864-1941)

1400+ mensen volgen Art Salon Holland op Facebook, dat wil jij toch niet missen?

Van onze redactie
 
In 1882 begint Von Jawlensky zijn carrière als officier van de Russische keizerlijke garde. In 1896 verlaat hij echter Rusland om zich samen met kunstenares Marianne von Werefkin in München te vestigen. Tijdens zijn militaire diensttijd had hij vanaf 1889 een schilders klas aan de kunstacademie van St. Petersburg gevolgd. Ook in Moskou heeft hij teken- en schilderlessen gehad, voordat hij naar Duitsland vertrekt. In München leert het paar in 1897 Wassily Kandinsky kennen aan de Azbé Schule. Het is een privéschool, waaraan ze tot 1899 lessen volgen. Tussen 1899 en 1906 legt Von Jawlensky de basis voor een eigen stijl, die sterk wordt beïnvloed door de Franse kunststroming van het fauvisme en door postimpressionisten als Cézanne, Gauguin en Van Gogh.

Alexej von Jawlensky, Schokko met rode hoed, 1909, olieverf op karton, 76 x 71 cm,  Columbus Museum of Art, Columbus, Ohio
Alexej von Jawlensky, Schokko met rode hoed, 1909, olieverf op karton, 76 x 71 cm, Columbus Museum of Art, Columbus, Ohio

Matisse en Kandinsky

In 1903 neemt hij deel aan de tentoonstelling van de Berliner Sezession. Hij verblijft in 1905 een korte periode bij de Nabis in Pont Aven in Frankrijk. Daar begint hij vooral vast te leggen wat hij voelt, in plaats van wat hij ziet. Hij debuteert in hetzelfde jaar op de Herfstsalon van Parijs. Bij die gelegenheid leert hij Matisse kennen. Von Jawlensky schildert vanaf 1905 in een helder fauvistisch kleurrijk palet. Vooral zijn tekeningen uit die periode tonen de invloed van Matisse. In het vroege werk van de kunstenaar is ook duidelijk de invloed van Van Gogh zichtbaar. Niet alleen met betrekking tot de onderwerpskeuze (landschappen, portretten en stillevens), maar ook wat betreft de stijl. Von Jawlensky schildert in zijn begintijd met dik opgebrachte verf, in grote vlakken en met krachtige bewegingen. Vanaf 1907 gaat zijn stijl echter vervlakken. Een duidelijk aangezette contourlijn krijgt dan een prominente rol in zijn werk.

In 1909 richt hij samen met Kandinsky de Neue Künstlervereinigung in München op. Het is een vereniging die zich afzet tegen de gevestigde kunstwereld in de Beierse hoofdstad. Kunstenaars als Gabriele Münter, Alfred Kubin worden lid. Later ook Franz Marc. Op de tweede tentoonstelling van de vereniging, in 1910, werd ook de avant-garde van Parijs uitgenodigd om mee te exposeren. Er was werk te zien van Braque, Derain, Picasso, Rouault en De Vlaminck. Met de kunstenaars van de later opgerichte expressionistische kunstenaarsgroep Der Blaue Reiter, en met Kandinsky in het bijzonder, zal Von Jawlensky lang bevriend blijven.
 

Alexej von Jawlensky, Abstrakter Kopf Bildnis Mela Eschrich, 1927, olieverf op karton, 43 × 33 cm, privécollectie Rheinland, Duitsland
Alexej von Jawlensky, Abstrakter Kopf Bildnis Mela Eschrich, 1927, olieverf op karton, 43 × 33 cm, privécollectie Rheinland, Duitsland

In het werk van Von Jawlensky gaat vanaf omstreeks 1910 het portret domineren. Een jaar later heeft hij zijn eerste solotentoonstelling in de Barmer Ruhmeshalle in Wuppertal. In 1912 neemt de kunstenaar deel aan de Sonderbundtentoonstelling van Keulen. In hetzelfde jaar neemt hij ook deel aan de eerste tentoonstelling van Der Blaue Reiter in Berlijn bij galerie Der Sturm van Walden. Bij die gelegenheid leert hij de Duitse expressionist Emil Nolde kennen. Zie van Nolde: Stilleven met danseressen uit 1914. Tijdens de Eerste Wereldoorlog en nog een tijd daarna woont Von Jawlensky in Zwitserland. In 1921 vestigt hij zich in Wiesbaden, het jaar waarin hij scheidt van Von Werefkin. Gaandeweg heeft zijn werk een meer monumentaal karakter en geometrisch bepaalde vormentaal gekregen. Vanaf 1920 schildert Von Jawlensky in een abstracte stijl. Zie de afbeelding van Abstrakter Kopf Bildnis Mela Eschrich uit 1927 hierboven. Ruim tien jaar na de Eerste Wereldoorlog, waarin prominente leden van Der Blaue Reiter als August Macke en Marc waren gesneuveld, richt de kunstenaar een nieuwe vereniging op. De groep noemt zich 'Die Blauen Vier' en bestaat naast Von Jawlensky en medeoprichter Kandinsky uit enkele andere voormalige leden van Der Blaue Reiter.

In 1933 krijgt Von Jawlensky een expositieverbod opgelegd door het Naziregime. In 1937 wordt zijn werk 'entartet' verklaard. 72 van zijn werken worden in beslag genomen. Zijn laatste serie schilderijen, abstracte gezichten, die door Von Jawlensky als Meditaties worden aangeduid, kunnen worden gezien als een abstracte vorm in de traditie van icoon schilderkunst. Net als iconen zijn deze werken geladen met een vorm van spiritualiteit. Von Jawlensky sterft op 77jarige leeftijd in 1941 in zijn woonplaats Wiesbaden.