Laocoön en zijn zonen (1520-25) - Baccio Bandinelli

1100+ mensen volgen Art Salon Holland op Facebook, dat wil jij toch niet missen?

Baccio Bandinelli [ook bekend als: Bartolommeo Bandinelli] (1493-1560), Laocoön en zijn zonen, 1520-25, marmer, hoogte: iets meer dan 200 cm, Uffizi, Florence
Baccio Bandinelli [ook bekend als: Bartolommeo Bandinelli] (1493-1560), Laocoön en zijn zonen, 1520-25, marmer, hoogte: iets meer dan 200 cm, Uffizi, Florence
Kunstenaar Baccio Bandinelli
Land Italië
Stijl / Stroming / Periode renaissance,
hoogrenaissance /
16e eeuw
Locatie / Museum Uffizi, Florence

Kenmerkend voor de Italiaanse renaissance is de belangstelling voor de kunst van de Klassieke Oudheid. Renaissance betekent letterlijk wedergeboorte. De beeldhouwkunst van de Grieken en Romeinen herleefde tijdens de renaissance in zowel schilderkunst als beeldhouwkunst. Op 14 januari 1506 werd in Rome een beschadigd Grieks beeld opgegraven, dat de inspiratiebron vormde voor dit marmeren beeld van Bandinelli. We zien de Trojaanse priester Laocoön, die een rol vervult in het verhaal van de Trojaanse oorlog. Hij doorziet de list met het houten paard van de Grieken. Hij waarschuwt zijn stadgenoten het niet de stad in te slepen. Volgens een van de versies van het mythologische verhaal bestraft de god van de zee Poseidon daarom Laocoön en zijn zonen Antiphantes en Thymbraeus. De zeegod stuurt twee onoverwinnelijke zeeslangen op hem af, die zijn dood betekenen. Het beeld laat de dramatische dodelijke worsteling zien. Het beeld van Bandinelli is min of meer een kopie van het Griekse origineel. Bandinelli was ambitieus en wilde de oorspronkelijke versie overtreffen. De rechterarm van de centrale figuur ontbrak, de kunstenaar moest de stand van de arm proberen te interpreteren. Dat deed hij op basis van een beschrijving uit het geschrift Historia Naturalis van de Romeinse geschiedschrijver Plinius de Oudere (23-79 na Chr.). Daarnaast experimenteerde hij met een arm van was, die het gehavende origineel moest aanvullen. Zo kwam het dat hij ervoor koos de arm van de priester te strekken.

Een tweede kenmerk van de renaissance is dat kunstenaars gelijk moderne ondernemers hun kunstwerken realiseerden voor opdrachtgevers. In dit geval kreeg Bandinelli in 1520 de opdracht van Paus Leo X (1475-1521) om een kopie te maken naar de opgegraven Laocoöngroep. Hij was van plan het cadeau te geven aan Koning Frans I van Frankrijk (1494-1547). Leo X stierf echter voordat de beeldhouwer de opdracht had voltooid. In 1523 gaf Paus Clemens VII, net als Leo X een familielid van de invloedrijke De' Medici familie, opdracht om het beeld te voltooien. Toen het in 1525 klaar was besloot de Paus, enthousiast geworden door het fraaie resultaat, om het beeld niet naar de Franse koning te sturen. In plaats daarvan kwam het in het Paleis van zijn familie terecht in Florence.