Zelfportret met een fles wijn (1906) - Edvard Munch

Van onze redactie
    

Bekendheid geniet Munch vooral vanwege symbolistische schilderijen als De schreeuw, Levensdans en Vampier. De kunstenaar was echter ook een uitstekend portrettist, die (kinder)portretten in opdracht maakte en daarnaast een groot aantal portretten schilderde van familieleden, bevriende kunstenaars, filosofen, dichters en schrijvers. Gedurende zijn lange carrière schilderde hij bovendien tientallen zelfportretten, die uitdrukking gaven aan zijn gemoedstoestand en situatie, zoals ook de zelfportretten van Van Gogh en Rembrandt inzicht geven in persoonlijkheid en levenswandel van beide kunstenaars (Zie van Van Gogh Zelfportret met verbonden oor, schildersezel en japanse prent uit 1889).

Edvard Munch, Zelfportret met een glas wijn, 1906, olieverf op linnen, 111 x 121 cm, Munchmuseet, Oslo
Edvard Munch, Zelfportret met een glas wijn, 1906, olieverf op linnen, 111 x 121 cm, Munchmuseet, Oslo

Na een moeizame periode aan het begin van zijn carrière heeft Munch omstreeks de eeuwwisseling eindelijk succes en hij reist jarenlang Europa af vanwege solo- en groepstentoonstellingen, waaraan hij deelneemt. De organisatorische drukte, het veel van huis zijn en de vermoeienissen van het reizen hebben helaas een minder positieve uitwerking op de kunstenaar, hij raakt aan de alcohol verslaafd en zijn pathologische depressiviteit - als gevolg van traumatische ervaringen met ziekte en sterfte in zijn jeugd - gaat opspelen. Het leidt er toe dat hij in 1907 voor bijna een jaar zal worden opgenomen in een privékliniek in Denemarken. Na genezen te zijn verklaard, trekt Munch zich terug in Noorwegen en hij zal zich daarna nauwelijks meer bewegen in het Europese avant-gardecircuit van zijn tijd.
Zelfportret met een glas wijn uit 1906 (zie afbeelding) schilderde Munch vlak voordat hij geestelijk ineenstortte. De gelaatsuitdrukking en lichaamstaal spreken voor zich, de kunstenaar zit niet goed in zijn vel. Opvallend in het schilderij zijn de lege en ongedekte tafels rondom Munch, welke het sociaal isolement, waarin de kunstenaar verkeerde, benadrukken. Het felle kleurgebruik, de losse toets, de vereenvoudiging van vorm en perspectivische vervorming van het schilderij zijn verwant aan de stijlkenmerken van het fauvisme en expressionisme, de in opmars zijnde avant-gardestijlen omstreeks 1906. De Duitse expressionisten beschouwden Munch dan ook als hun grote voorbeeld en het oeuvre van Munch, dat ontstond vanaf omstreeks 1904, wordt daarom ook vaak aangeduid als zijnde expressionistisch.