De dood van Marat (1793) – Jacques-Louis David

Ter nagedachtenis aan een 'martelaar van de revolutie'

Van onze redactie
  

In de jaren 1793-94 schilderde de voorman van het neoclassicisme Jacques-Louis David drie monumentale werken die ‘martelaren van de revolutie’ weergaven, mannen die stierven voor de Franse revolutie. Het meest beroemde schilderij uit die reeks is De dood van Marat, een schilderij dat steevast gerekend wordt tot de canon van de kunstgeschiedenis.

Jacques-Louis David, De dood van Marat, 1793, olieverf op doek, 165 x 128 cm, Koninklijke Musea voor Schone KUnsten van België, Brussel
Jacques-Louis David, De dood van Marat, 1793, olieverf op doek, 165 x 128 cm, Koninklijke Musea voor Schone KUnsten van België, Brussel

We zien de vermoorde politicus en journalist Jean-Paul Marat, één van de omstreden leiders van de Franse revolutie. Het levenloze lichaam van Marat hangt naar zijn rechterzijde. Hij heeft zijn schrijfveer in zijn rechter- en een brief in zijn linkerhand. In de brief staat een verzoek van een zekere Charlotte Corday om door hem te worden ontvangen. De schrijver is in zijn bad vermoord, dat hij regelmatig moest nemen vanwege de ernstige huidziekte waaraan hij leed. Op 13 juli 1793 wordt hij door de genoemde vierentwintigjarige Charlotte Corday vermoord, nadat ze zijn huis onder valse voorwendselen is binnen gekomen. Met het mes, dat links onder op de grond ligt, stak zij Marat in het hart. Het schilderij is door David ter nagedachtenis aan Marat geschilderd. De compositie is gebaseerd op zijn herinnering van de dag vóór de moord. Toen had de kunstenaar zelf nog een bezoek gebracht aan Marat, die hij goed kende. Het houten blok en de plank over het bad had hij die dag zo zien staan. Marat werd in de revolutietijd wel ‘de vriend van het volk’ genoemd. Tegelijkertijd speelde hij een belangrijke rol in de terreur van de zuiveringen, een chaotisch bloedbad dat veel mensen, 'tegenstanders van de revolutie' het leven kostte. David heeft deze ‘martelaar van de revolutie’ ongebruikelijk kwetsbaar weergegeven. In plaats van een heroïsche figuur zien we een kwetsbare, haast machteloze figuur. Het dramatische effect wordt versterkt door de lege, donkere achtergrond en de eenzijdige dramatische lichtinval. De lichaamshouding van de vermoorde revolutionair en de manier waarop zijn arm naar beneden bungelt, doen denken aan de manier waarop de Italiaanse meester van de renaissance Michelangelo Christus weergaf in zijn beroemde beeld Pieta. Op subtiele wijze weet David Marat hiermee haast een heilig voorkomen te geven, zodat ook deze lijkt te zijn gestorven 'als verlosser', in zijn geval als verlosser van het Franse volk.