Hans Holbein de Jonge (1497-1543)

Van onze redactie
    
Vooraanstaand kunstschilder en graveur uit Duitsland. Zijn oeuvre wordt gerekend tot de (Noordelijke) renaissance. Holbein werd eerst door zijn vader Hans Holbein de Oude opgeleid om vervolgens in de leer te gaan bij Hans Herbster te Bazel. Daar ontmoet hij de Nederlandse geleerde Desiderius Erasmus. In deze fase van zijn carrière is de invloed van Hans Baldung Grien en Matthias Grünewald zichtbaar in zijn werk, onder andere in de fresco's die hij samen met zijn vader maakte voor het Hertensteinhaus te Luzern.

Hans Holbein de Jonge, Dame met eekhoorn en spreeuw, ca. 1526-28, olieverf op hout, 56 x 39 cm, The National Gallery, Londen
Hans Holbein de Jonge, Dame met eekhoorn en spreeuw, ca. 1526-28, olieverf op hout, 56 x 39 cm, The National Gallery, Londen

In 1519 trouwt hij in Bazel met Elsbeth Binzenstock met wie hij twee dochters en twee zonen krijgt. In de tijd, dat Holbein in Bazel woonde was al enige invloed van het werk van Italiaanse kunstenaar zichtbaar, zoals dat van Andrea Mantegna. Hij schilderde voornamelijk religieuze onderwerpen.
Holbein bouwde een vriendschap op met Erasmus, illustreerde meerdere edities van diens Lof der Zotheid en schilderde een portret van hem in 1523, welke zich thans bevindt in het Louvre. Aan het schilderen van treffende portretten zou hij later zijn grote faam ontlenen. Vanwege de reformatie namen de opdrachten van de Rooms-katholieke kerk aan kunstenaars sterk af en Holbein kreeg moeite om in zijn eigen onderhoud te voorzien. Hij zou zijn geluk echter elders gaan beproeven. Op advies van Erasmus, die veel invloed op zijn vriend had, belandde de kunstenaar daarom omstreeks 1524 voor korte tijd aan het hof van de Franse koning Frans I, waar hij uitgebreid in aanraking kwam met de schilderkunst van de Italiaanse renaissance. In 1526 volgde hij opnieuw een advies van zijn vriend op, nu om te gaan werken aan het Engelse hof. Daar kwam hij onder bescherming van de humanist en filosoof Thomas More, een vriend van Erasmus, die als lord-kanselier verbonden was aan het Engelse hof. More is vooral bekend vanwege zijn boek Utopia uit 1516. Holbein keert in 1528 nog even kort terug naar zijn vrouw en kinderen in Bazel, maar vertrekt in 1529 definitief naar Engeland, waar hij zich specialiseert als portretkunstenaar. In 1536 treedt hij in dienst van de Engelse koning Hendrik VIII. Hij portretteert enkele huwelijkskandidaten van de koning - die nog altijd berucht is omdat hij verschillende van zijn echtgenotes zonder pardon liet vermoorden, wanneer hij genoeg van ze had - maar die buitengewoon geïnteresseerd was in kunst en wetenschap. Holbein schilderde diverse leden van het koningshuis, onder wie koning Hendrik VIII zelf en leden van de hoge adel. Naast de portretten maakte de productieve Holbein tijdens zijn carrière tevens wanddecoraties, schilderde miniaturen en ontwierp hij kleding voor Hendrik VIII, gebruiksvoorwerpen en gebrandschilderde ramen. In 1543 overlijdt Holbein aan de pest.